Peuterperspectief

16 december 2007

Peuterperspectief

Soms zijn er meer vragen dan antwoorden. Dan lijkt het doel ongerechtvaardigd. En is voor alles een tegenvraag. Alles valt vanuit meerdere perspectieven te bekijken. Om niet te verdwalen in een droste effect en een waarom-houding van een driejarige heb ik gekozen voor een focus. Om tot iets te komen moet je je erin storten zonder steeds te twijfelen. Als de keuze eenmaal is gemaakt is het gaan met die banaan. Het is elke keer de strijd tegen de blokkade, en als de strijd is opgeheven lijkt de blokkade een golf te worden waarop ik moeiteloos zwem. Het lijkt een contradictie om tot iets te komen niets te hoeven doen. Het is een vergelijking die zichzelf oplost. De moeiteloosheid en eenvoudigheid kan schokkend zijn omdat het altijd lijkt alsof hard werken loont.

Men moet het druk hebben, anders klopt er iets niet. Ik heb het niet druk. Ik voer geen zak uit en toch gaat elke opdracht door mijn handen en beland via het toetsenbord op het scherm. Het is diezelfde moeiteloosheid die me achteloos kan maken, ongenteresseerd. Alsof niets meer kan verassen. Dat is een illusie. Zelfs het kleinste ding heeft de potentie te prikkelen.

Door alles in hokjes te plaatsen zijn mensen op afstand te houden. De vrije geest is zo vrij niet. Het is het resultaat van kunnen spelen door touwtjes in handen te hebben. Door alles als klei te zien, energie die te transformeren is. Door er grip op te hebben rijzen er hokken op vanuit de golven. Daardoor wordt alles voorspelbaar en saai. Het is een blauwdruk die overal op te leggen is.

Dan is de vraag: controleren of spelen? Het leuke van spelen is dat daarvoor steeds nieuwe ingangen en perspectieven beleefd moeten worden. Door de hokken uit te gummen is er uit de kaders te breken. Is het weer mogelijk me in vrijheid in die kaders te bewegen. Dan wordt de verassing in het moment zichtbaar. De muur en berg worden een golf. Het is een flow. Die niet vast willen houden is de kunst, want dan kan ik hem eeuwig beleven.